praktijk: Bosstraat 88 3971 XG Driebergen 0343-521530 06-25283052 vijzend@telfort.nl |
Inspiratie
januari 2012
Een nieuw jaar. Wat zal het ons, de wereld brengen? Ik hoop heel veel goeds. Ik hoop en wens voor iedereen een liefdevol 2012. Graag geef ik onderstaande zegening mee. Nieuwjaarszegen (uit: John O'Donohue, Gezegend de ruimte tussen jou en mij) Moge, als op een dag het gewicht zwaar op je schouders rust en je struikelt, de klei je dansend in evenwicht brengen. En als je ogen bevriezen achter het grijze vensterglas en het spook van verlies bezit van je neemt, moge dan een menigte kleuren, indigo, rood, groen en azuurblauw, een weide vol vreugde in je wakker roepen. Als het doek dat de currach, de boot van je gedachten, bekleedt, gaat rafelen en er een zwarte vlek van zeewater onder je kruipt, moge er dan over het water een pad van geel maanlicht ontstaan dat je veilig thuisbrengt. Moge het voedsel van de aarde het jouwe zijn, moge de helderheid van het licht de jouwe zijn, moge de vloeiendheid van de zee de jouwe zijn, moge de bescherming van de voorouders de jouwe zijn. En moge deze woorden door een bedaarde wind van liefde om je heen geweven worden: een onzichtbare mantel die jouw leven zorgzaam omringt. oktober 2011 Is het niet geweldig dat een dichter dit jaar de Nobelprijs voor de literatuur heeft gewonnen: Tomas Tranströmer. Zijn 'Weerschilderij' is een prachtig gedicht voor deze maand. De Oktoberzee blinkt kil met haar rugvin van luchtspiegelingen. Niets rest dat herinnert aan de witte duizeling van zeilwedstrijden Een barnsteenschijnsel boven het dorp. En alle geluiden in trage vlucht. De hiëroglief van een hondeblaf staat geschilderd in de lucht boven de tuin waar de gele vrucht de boom te slim af is en zich laat vallen. (uit: Het wilde plein, 1992; vertaling J.Bernlef) september 2011 2011 is een vol jaar, waarin ik door veel mensen en teksten geïnspireerd word. Deze zomer ben ik veel bij de oceaan geweest - in Portugal en in Engeland. Elke dag anders, elke dag om van te houden: water dat komt en gaat, stil of onstuimig. Daarom een stukje uit 'Lofzang op het water' van John O'Donohue. (....)
Getijden, beroerd door de eros van de maan, putten uit die doorlopende rusteloosheid volmaakte golven die loom opkomen en afnemen in allerlei tinten van aquamarijn, en offeren zo elke laatste traan van verrukking op het altaar van verstild binnenland. En de regen in de nacht, er door de eenzaamheid van de wind toe aangezet door de duisternis heen te dringen, alsof er ergens een luchtzak opengaat, die de geur van de verloren dag loslaat en een enkele herinnering redt van zijn verlaten woeling, en zijn verlangend gewicht in de aarde laat vallen en ankeren. (...) uit: Gezegend de ruimte tussen jou en mij. december 2010 De winter is vroeg dit jaar. Buiten ligt sneeuw, het vriest en de vogels hebben het druk met het zoeken naar voedsel. Hoe houd je in barre tijden de hoop levend? Het is een vraag die me bezig houdt in een wereld die ik kouder en kouder zie worden. De gedichten van Wislawa Szymorska helpen mij. Haar schijnbare eenvoud en oog voor het kleine raken mijn ziel. Enige woorden over de ziel Een ziel heb je nu en dan. Niemand heeft haar ononderbroken en voor altijd. Dagen en dagen, jaren en jaren kunnen zonder haar voorbijgaan. Soms verwijlt ze alleen in het vuur en de vrees van de kinderjaren wat langer bij ons. Soms alleen in de verbazing dat we oud zijn. Zelden staat ze ons bij tijdens slopende bezigheden als meubels verplaatsen en koffers tillen of een weg afleggen op knellende schoenen. Bij het invullen van formulieren en het hakken van vlees heeft ze doorgaans vrij. Aan een op de duizend gesprekken neemt ze deel, maar zelfs dat is niet zeker, want ze zwijgt liever. Wanneer ons lichaam begint te lijden en lijden, verlaat ze stilletjes haar post. Ze is kieskeurig: ziet ons liever niet in de massa, walgt van onze strijd om te winnen en van ons wapengekletter. Vreugde en verdriet zijn voor haar geen verschillende gevoelens. Alleen als die twee verbonden zijn, is ze bij ons. We kunnen op haar rekenen wanneer we nergens zeker van zijn, maar alles willen weten. Wat materiële zaken betreft houdt ze van klokken met een slinger en van spiegels, die vlijtig hun werk doen, ook wanneer niemand kijkt. Ze vertelt niet waar ze vandaan komt en wanneer ze weer van ons verdwijnt, maar lijkt zulke vragen beslist te verwachten. Het ziet ernaar uit dat net als wij haar zij ons ook ergens voor nodig heeft. uit: Het Moment. 2003 (vertaald door Gerard Rasch) september 2010 De zomer is bijna voorbij, de herfst is al ruikbaar en voelbaar. Deze zomer heb ik het werk ontdekt van David Whyte: zijn gedichten en zijn boek "Crossing the unknown sea. Work as a pilgrimage of identity". Verhelderend vind ik zijn onderscheid tussen ambitie en verlangen als richtsnoer in het werk. Hij wijst erop dat ambitie je wel naar een horizon kan brengen, maar niet er voorbij. Daarvoor heb je verlangen nodig; verlangen is richtinggevend, maar houdt de verbeelding levend en kan je voorbij de horizon brengen. Onderstaand gedicht als ode aan het verlangen als baken (p81). But still, on the ocean, there is no path only the needle's trembling dance north ... followed without fear, thought the dance now is fear and calmness in one movement seeing as you look not only the angry sea of what you have denied but here, near at hand, in the center of your body, the rose-fire of the compass blossoming with direction. april 2010 Volop voorjaar. Ik zie de koolmeesjes nestelen in het nestkastje waar ik op uitkijk. Altijd ben ik weer blij ze daar bezig te zien. De zon schijnt en alles schiet de grond uit. De levensstroom pakt mij en neemt me mee: geluk. Chawwa Wijnberg verwoordt dit mooi, vind ik. Opeens
Opeens was er die smaak in de lucht een genadig trillen was het of kietelige zon of nee, trek ergens in een wandeling, het eten van een narcis, of kippemuur dat fijne groen of jeuk, ja jeuk maar dan aan je lurven die schurkten of zin, ja zin om mee te gaan met de muziek of zomaar op de stoep gaan zitten iemand aanspreken en zeggen zie je dat, ach laat maar we zullen - of juist niet en dan onder een paraplu waar de regen giechelt diep snuivend ademhalen en ontroerend, hoop voelen bij het lood in je sokken zou je dat lente kunnen noemen (uit: Echo van de roos. 2003) ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~ januari 2010 Nieuwjaar! Natuurlijk voor iedereen heel veel goeds gewenst. Ik heb de afgelopen maanden 'geleefd' met 'De elegieën van Duino' van R.M. Rilke. De allerlaatste strofe: En wij, die denken
aan stijgend
geluk, ervoeren misschien de ontroering, die ons bijna verbijstert, als iets dat geluk is, valt. Veel vallend geluk in 2010! |